|
"Ze worden vanzelf groot."
Wie kent dit zinnetje niet? Maar gaat 't allemaal wel
zo vanzelf? Natuurlijk, groot worden ze. Maar vraag
niet hoe. Of vraag het juist wel!
En vraag het vooral aan jezelf. Weet
je nog, dat je jezelf beloofde het anders te zullen
doen dan je ouders? Dat je als kind heel goed voelde
wat er mis was? En dat je het nooit zo zou willen? Iedereen
heeft die herinneringen, maar juist doordat je zelf
kinderen hebt, zijn ze wat weggedrukt.
Je vervalt zo gauw in hetzelfde gedrag. Je hoort jezelf
zo vaak dezelfde dingen zeggen als je ouders. En dat
is niet verkeerd. Integendeel. Als je het jezelf hoort
zeggen, is dat de eerste stap op het pad van bewustwording.
Van het bewust omgaan met je kind én vooral met
jezelf.
Een voorbeeld: Je brengt je kind naar
de oppas. Als je daar bent, gaat het mis. Je kind huilt
en wil niet dat je weggaat. Je probeert hem af te leiden,
de oppas probeert het ook. Je denkt: "Niet te lang
blijven, want dan wil het helemaal niet meer."
De oppas zegt ook: "Ga nou maar." En je gaat
weg. Je kind blijft eerst nog doorhuilen. Van de oppas
mag hij nog even huilen totdat zij zegt: "Nou houden
we op met huilen en gaan we lekker spelen." En
inderdaad, je kind gaat spelen. Je belt na een half
uurtje op en de oppas zegt dat het prima gaat. Klinkt
dit bekend in de oren?
Doe je het op deze manier omdat iedereen
het zo doet? Op peuterspeelzalen en op scholen gebeurt
het immers ook vaak zo. Of kan het de angst voor je
eigen gevoelens en voor de gevoelens van je kind zijn
of misschien wel de onmacht of onwil om deze te begrijpen,
dat je het zo doet? Of is het onwetendheid of ontkenning
van hoe je als mens in elkaar zit?
Onderdrukte emoties
Al vanaf de geboorte worden babies afgeleid als zij
hun emoties toonden. Of er wordt een fopspeen gebruikt.
Dan is (of lijkt?) de baby weer tevreden. Of de baby
wordt opgepakt en er wordt gezegd: "Sssst
,
stil maar, hoor." Met het oppakken is niets mis.
Met het troosten ook niet. Maar het sluipt er maar al
te gauw in dat we de emoties van onze kinderen proberen
te beheersen. Een kind mag niet huilen, een kind mag
niet boos worden en stampvoeten of slaan of schreeuwen.
Dat hoort niet, het is niet netjes. Als het in de supermarkt
gebeurt kijkt iedereen afkeurend als jouw kind nét
een woede-aanval krijgt. Kan die moeder dat kind niet
in bedwang houden?
Bijna iedereen heeft als kind geleerd zich in te houden
als het gaat om het uiten van emoties. En wat levert
dit uiteindelijk op als je volwassen bent? Een hoop
stress. Onderdrukte emoties die vanuit je onderbewustzijn
vragen, onder andere via lichamelijke spanningen, om
aandacht. Niet alleen vragen, maar schreeuwen!
Dus, waar zijn we nou eigenlijk mee
bezig? Als je je dit gaat afvragen, ben je op de goede
weg. Je gaat je afvragen waarom je reageert zoals je
reageert. Omdat iets zo hoort, omdat je ouders het zo
deden of omdat het vanuit jezelf komt. Als je je hiervan
bewust wordt, door elke keer weer zo objectief mogelijk
naar je eigen reacties te kijken, kun je je reacties
veranderen. Dan hoef je niet meer dingen te doen omdat
ze zo horen of omdat anderen ze van je verwachten, maar
dan kun je je reacties echt vanuit jezelf laten komen.
En als deze dan écht vanuit
jezelf komen, dan komt de volgende stap. Want wat kom
je allemaal tegen in jezelf! Een hoop woede, angst en
verdriet. Vanwege je eigen gevoelens die weer opgeroepen
worden vanuit je kindertijd. Maar juist daardoor kun
je leren je te verplaatsen in je kind. Omdat je eigenlijk
precies wéét hoe het voelde toen jij naar
school werd gebracht en je moest huilen. Je weet het
omdat je "van binnen" nog steeds dezelfde
bent, ook al ben je nu veel ouder.
Nog een voorbeeld: Je baby is negen
maanden oud en wordt 's nachts geregeld wakker. In het
begin ging je er iedere keer naartoe, maar niets leek
te helpen. Ja, alleen oppakken. Dan was hij klaar wakker
en jij ook. En sliep hij dan weer bijna op de arm, eenmaal
weer in bed begon het geschreeuw weer. Je werd er moedeloos
van. Je partner zei: "Zet maar beneden in de kamer."
De familie zegt: "Je geeft het kind veel te veel
aandacht, laat maar huilen."
Teneinde raad volg je de "wijze" raad van
iedereen op, en ja hoor. Na drie nachten is het over.
Met pijn in je hart heb je het gedaan, maar misschien
was het dan toch het beste, want nu is het over. En
misschien was het toch alleen maar een kwestie van aandacht
vragen. En had je hem al teveel verwend, zoals anderen
zeiden.
Aandacht voor gevoelens
In mijn praktijk zie ik veel kinderen. Met meestal hun
moeder erbij. Dwarse kinderen, stoute kinderen, hyperactieve
kinderen, agressieve kinderen, boze kinderen, bedplassende
kinderen en ga zo maar door. Kinderen die niet lekker
in hun vel zitten. Dat is duidelijk. Kinderen die dit
soort gedrag niet vertonen op momenten dat ze gelukkig
zijn. Kinderen die al zoveel emoties niet hebben kunnen
of mogen uiten, dat ze schreeuwen om aandacht. Aandacht
voor hun gevoelens.
Ik zeg juist vaak tegen deze kinderen:
"Er zijn geen stoute kinderen. Er zijn alleen lieve
kinderen en die doen soms stoute of domme dingen."
Want wat deze, vaak al "beschadigde" kinderen,
vooral nodig hebben is begrip. Begrip voor hun gevoelens.
Ook al lijken deze gevoelens in onze ogen vaak niet
zo belangrijk, of zelfs onredelijk. Als je geneigd bent
om de gevoelens van je kind voor "minder"
aan te zien (vaak gaat dit naar leeftijd, hoe jonger
het kind, hoe minder hij wel zal voelen, wordt vaak
gedacht) is het misschien eens goed om werkelijk te
proberen je te verplaatsen in je kind.
Opgeslagen gevoelens
Dus stel je eens voor dat jij jouw kind bent dat naar
de oppas gebracht wordt. Is het dan niet logisch dat
je het, op z'n minst gezegd, niet leuk vindt dat je
vader of moeder bij je weggaat? Als je dat nog niet
goed kunt zeggen en kunt begrijpen, maar wel kun vóelen,
is het dan gek dat je vreselijk moet huilen? Juist omdat
je er niets van snapt? Je krijgt niet genoeg tijd om
afscheid te nemen en je mag je verdriet hierover wel
eventjes uiten, maar een ander bepaalt hoe lang en hoe
erg. Je voelt je niet begrepen want wat je voelt mag
je niet voelen ("Stil maar hoor, mama komt jou
toch straks weer ophalen? Ga maar lekker spelen
..)
Ja, natuurlijk voel je je dan rot.
Het ene kind geeft ook sneller op
dat het ander en gaat dan maar spelen ("Zie je
wel, afleiden helpt"), maar waar blijven die gevoelens?
Zijn die weg? Nee, die worden onderdrukt en in het onderbewuste
opgeslagen. Een volgende keer weet je onderbewustzijn
en je lichaam precies weer hoe je je die keer dat het
"mis" ging voelde. En je voelt je weer rot.
Dit herhaalt zich vaak vele malen. Totdat je wat ouder
bent geworden en inmiddels hebt geleerd je gevoelens
weg te drukken. Maar dat opgeslagen gevoel blijft er
zitten. En in soortgelijke situaties zal het weer de
kop op steken en van zich laten horen. "De tijd
heelt alle wonden" gaat in dit soort gevallen meestal
niet op. Onbewuste herinneringen aan vervelende gebeurtenissen
hopen zich op.
Emotioneel ontladen
Hoe kun je dit nu voorkomen? Wat kun je doen als je
kind zijn emoties toont door te huilen, te stampvoeten
e.d.? Als je hem in zijn gevoel bevestigt, verdwijnt
dat nare gevoel eerder. Als je probeert te begrijpen
waarom hij zo tekeer gaat en je begrip ook tóónt;
als je probeert "een stukje verder" met hem
mee te voelen dan je tot nu gewend was, zullen er een
volgende keer in een soortgelijke situatie bji hem geen
oude, onafgewerkte frustraties naar boven komen. En
als er toch nog restjes zijn overgebleven, zal hij zich
eerder door jou gesteund voelen en emoties kunnen verwerken.
Zo haal je dus als het ware de stress ervan af. En deze
stress zal zich dan niet opslaan in het onderbewuste.
Als je kind mag uithuilen of uitrazen, kan het daarna
weer helder denken en is hij beter "bereikbaar".
Het uitrazen kun je en moet je begeleiden. Je kunt je
kind bijvoorbeeld leren om op zijn bed of op de bank
te slaan. Want het moet natuurlijk niet ten koste gaan
van hemzelf of van andere mensen. Hij mag dus niet jou
of een broertje of zusje slaan of schoppen of met speelgoed
smijten o.i.d. Er is niks mis met het stellen van grenzen,
integendeel, zolang de emotionele lading van de gebeurtenis
er maar afgehaald kan en mag worden. Je kunt je kind
leren om te gaan met zijn emoties door hem te leren
deze te uiten zonder zichzelf of anderen schade te berokkenen
en zijn gevoelens in goede banen te leiden. Daar heeft
hij wat aan voor later.
Ik hoorde eens een kind, dat zich bezeerd had bij het
afstappen van moeders fiets, huilen, waarop de moeder
zei: "Nou, hou op, zo erg was het niet!" Waarop
het kind nog erger begon te huilen. Had de moeder niet
beter het nare gevoel kunnen bevestigen en even aandacht
aan het kind kunnen besteden? Ze had bijvoorbeeld kunnen
zeggen: "Heb je je pijn gedaan? Wat rot, hè?
Waar doet het pijn?" Een kusje op de zere plek,
nog even een aai over z'n bol en het huilen zou tien
keer zo snel over zijn geweest.
In het geval van het kind dat bij
de oppas gebracht werd, zou de moeder extra aandacht
hebben kunnen besteden aan het kind door het de tijd
te geven om afscheid te nemen en te mógen huilen.
Zijn gevoel bevestigen door bijvoorbeeld te zeggen:
"Dat vind je helemaal niet leuk, hè? Dat
ik weg moet. Ja, dat weet ik wel, hoor. Maar ik moet
nu naar mijn werk en ik kom je straks weer ophalen."
En daarbiij zoveel mogelijk bij je op de arm laten uithuilen.
Misschien duurde het afscheid nemen zo vijf minuten
langer, maar het scheelt op den duur een hoop tijd bij
de volgende keren. (Want anders gaat het vaak eerst
van kwaad tot erger tot het moment dat het kind erin
berust.)
Het kind voelt zich begrepen en zal er later minder
trauma's aan over houden of gedragspatronen op gaan
baseren (waaronder het leren omgaan met en het verwerken
van emoties).
De oppas zou het kind, als het blijft
huilen, kunnen opvangen door ongeveer gelijke dingen
te zeggen: "Ja, dat vind je niet leuk, hè?
Dat mama nou weggaat. Nee, dat begrijp ik wel. Nou,
daar mag je best om huilen, hoor. Huil maar net zo lang
totdat je uitgehuild bent. En daarna zul je je beter
voelen." Ook hierbij is het lichamelijk contact
heel belangrijk. En ook al hoort het kind het, vanwege
het huilen, nauwelijks; hij zal, als je dit soort dingen
consequent benoemt, steeds meer vertrouwen krijgen in
de mensen van wie hij afhankelijk is (ouders, oppas,
juf etc.). Het kind kan ook pas weer écht vrolijk
spelen, als er werkelijk aandacht is besteed aan zijn
gevoelens; als deze gevoelens bevestigd en begrepen
zijn en het kind helemaal mag uithuilen zolang hij zelf
nodig vindt. En het is goed om ook nog een tijdje daarna
te checken of het kind zich weer oké voelt. Als
je met aandacht en oogcontact bijvoorbeeld vraagt: "Gaat
het weer goed met je?" zal het kind, ongeacht de
leeftijd, reactie geven. Door bijvoorbeeld weer te gaan
huilen of zo'n zucht met een "nasnik" te geven.
Het laatste restje spanning kan dan wegebben. Of het
kind zal aangeven dat het zich weer goed voelt, door
simpelweg "ja" te antwoorden of weer vrolijk
te gaan spelen. Dat is een soort seintje van "nu
is het écht klaar" voor beide partijen.
Natuurlijk begrijpen hele kleine kinderen
nog niet alles, maar dat wil nog niet zeggen dat ze
geen gevoelens hebben. Ze kunnen ze alleen nog niet
zo goed begrijpen en verwoorden. Maar juist daarom is
het zo belangrijk dat je vanaf de geboorte probeert
je kind te begrijpen. Natuurlijk vraagt je kind veel
aandacht en zal hij daar alles voor doen, zolang hij
nog niet alles voor zichzelf kan regelen. Kinderen vragen
eigenlijk hiermee om begeleiding en vooral om dat contact
op hartsniveau. Dat stukje begrip en herkenning als
mens. Zo van: je mag er zijn. Belangrijk hierbij is
het oogcontact en het werkelijk openen van je hart voor
je kind. Vanuit de gelijkwaardigheid tussen jou en je
kind.
Als je als ouder de band aangegaan
bent met je kind, door het liefst al tijdens de zwangerschap
contact te maken en direct vanaf de geboorte dit contact
uit te bouwen ook op lichamelijk niveau door vasthouden,
koesteren, oogcontact en dergelijke, zul je dit je hele
leven als basis ervaren. Als je nu denkt: "Ik heb
het allemaal verkeerd gedaan" is er een troost.
Je kunt alsnog die band aangaan. En je kind en jezelf
de kans geven te helen. Door bijvoorbeeld in therapie
beiden te leren omgaan met emoties en trauma's te verwerken.
Zodat je kind zich begrepen en erkend kan voelen. Die
band tussen jullie is ook belangrijk voor je kind om
later relaties aan te kunnen gaan.
Natuurlijk blijf jij de ouder en hij
het kind. Keer op keer kun je weer een nieuwe start
maken. Na een "boze bui" weer het echte contact
zoeken en maken. En die buien heb je. Je bent ook "maar"
een mens. En juist omdat je door je bewustwording je
eigen emoties meer naar boven laat komen. Bovendien
hoef je je kind niet te onderschatten. Hij zal je uitdagen
zodat jij je grenzen gaat stellen. Dat geeft je kind
juist veiligheid. Juist bij veeleisende kinderen met
een sterke wil is dit niet eenvoudig. Maar wel een uitdaging
en iets wat je beiden sterker maakt. Durven uithuilen,
bepraten, spijt bekennen en uitleggen waarom je zo reageerde.
Hierdoor ga je ook beter begrijpen hoe je zelf in elkaar
zit. En ga je samen weer verder.
Natuurlijk reageert het ene kind anders
dan het andere. "Het kind brengt zichzelf mee bij
de geboorte", zeg ik altijd. Hiermee bedoel ik
dat elk kind duidelijk een eigen persoonlijkheid is.
Het is geen "aftreksel" van zijn ouders. Het
is een eigen wezen met in spiritueel opzicht een eigen
doel op aarde. Die zijn eigen leerschool zal moeten
doorlopen. Helaas kun je je kind daarom ook niet behoeden
voor alle trauma's die het oploopt in zijn leven. En
zelf zul je ook hiertoe bijdragen. Want al kun je door
bewustworden veel in je gedrag veranderen, je zit zelf
ook in je eigen proces. En juist door je kinderen wordt
je gedwongen om hiermee aan de slag te gaan. De kinderen
van nu zijn vaak zo gevoelig en bewust van alles, zowel
lichamelijk als psychisch, dat er geen ontkomen meer
aan is voor ons. Bewustwording is hierbij het sleutelwoord.
Ik zeg ook niet dat het een gemakkelijke weg is. Maar
volgens mij is het wel de enige weg. Er is namelijk
geen weg terug als eenmaal de stap gezet is op het pad
van bewustwording.
Dit artikel is eerder verschenen in het blad Spiegelbeeld.
|
|